In januari 1579 werd in Utrecht een verdrag gesloten dat de loop van de Nederlandse geschiedenis zou bepalen. De Unie van Utrecht wordt vaak gezien als het begin van Nederland als staat.
Een verbond tegen Spanje
De Nederlanden waren in opstand tegen het Spaanse gezag van Filips II. Op 23 januari 1579 sloten vertegenwoordigers van onder meer Holland, Zeeland, Utrecht en Gelderland een verbond om elkaar militair bij te staan. Later sloten zich nog andere gewesten en steden aan. Het verbond was een antwoord op de Unie van Atrecht, die zuidelijke gewesten kort daarvoor hadden gesloten om zich juist met de koning te verzoenen.
Wat erin stond
De gewesten beloofden elkaar te verdedigen alsof ze één provincie waren, gezamenlijk belasting te heffen voor de oorlog en elk hun eigen rechten en gewoonten te behouden. Over godsdienst werd afgesproken dat niemand om zijn geloof vervolgd mocht worden. Dat artikel speelde later een rol in de Nederlandse traditie van gewetensvrijheid.
Van verbond tot republiek
De Unie was bedoeld als militair bondgenootschap, niet als grondwet. Toch groeide het verbond uit tot de basis van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, die tot 1795 zou bestaan.
De plek
De Unie werd gesloten in de kapittelzaal bij de Domkerk. Die ruimte is nu de aula van het Academiegebouw van de Universiteit Utrecht, aan het Domplein. Op de gevel en in de zaal wordt aan het verdrag herinnerd.