Wie Utrecht nadert, ziet de Domtoren al van kilometers ver. De toren is met ruim 112 meter de hoogste kerktoren van Nederland en is sinds de veertiende eeuw het herkenningspunt van de stad.
Zestig jaar bouwen
De bouw begon in 1321 en duurde tot 1382. De toren hoorde bij de Domkerk, de kathedraal van het bisdom Utrecht, en moest de macht en het aanzien van de bisschop laten zien. Het ontwerp is geleidelijk opgebouwd: een zware vierkante onderbouw, daarboven een tweede vierkant blok en bovenop de open, achthoekige lantaarn. De hoogte komt uit op 112,32 meter.
Onder de toren loopt een doorgang op straatniveau. Wie naar boven wil, beklimt 465 treden. Onderweg liggen de kapel van Sint-Michiel, de ruimte van de klokken en de oude woonruimte van de torenwachter.
De storm van 1674
Tussen toren en kerk stond oorspronkelijk het schip van de Domkerk. Op 1 augustus 1674 trok een zware storm over de stad. Het middenschip, dat nooit goed was afgebouwd en al jaren zwak stond, stortte in. Het puin bleef decennia liggen. Pas later werd het terrein geruimd, en zo ontstond het Domplein: de open ruimte die toren en kerk tot op vandaag van elkaar scheidt. In de bestrating is de plattegrond van het verdwenen schip terug te zien.
De klokken
In de toren hangen luidklokken en een carillon. De grote klokken worden op bijzondere momenten nog met de hand geluid door een vaste groep klokkenluiders. Het carillon speelt op vaste momenten en wordt ook bespeeld door de stadsbeiaardier.
De toren nu
De toren is eigendom van de gemeente en wordt beheerd als monument dat alleen met een gids te beklimmen is. Grote restauraties hebben ervoor gezorgd dat de natuursteen en het metselwerk behouden blijven. Informatie over rondleidingen staat op https://www.domtoren.nl/.